Groene borden in de vorm van een koolblad, schalen met nerven en een randje dat omkrult alsof je net een blad van de krop hebt gehaald. Bij veel mensen staat het nog ergens achter in de kast van een oma of tante. Volgens het Amerikaanse House Beautiful is het precies dat servies dat nu terug is. Het blad liet op 7 oktober 2026 zien hoe ontwerpers het in hun interieurs gebruiken, en ik moest meteen aan de vitrinekasten van vroeger denken.
Wat koolservies is en waar het vandaan komt
In het Engels heet het cabbageware. Het bekendste koolservies komt van het Portugese Bordallo Pinheiro uit Caldas da Rainha, dat zijn bladvormige lijn Couve noemt. De fabriek werd volgens Wikipedia in 1885 opgericht door de kunstenaar en cartoonist Rafael Bordalo Pinheiro, en het merk maakt de koolbladcollectie nog altijd.
Koolservies hoort bij een bredere familie, majolica. Dat woord wordt voor twee soorten aardewerk gebruikt, maar bij dit servies gaat het om de negentiende-eeuwse variant. Daarbij werden gekleurde loodglazuren direct op het gebakken aardewerk aangebracht, vaak op stukken met een reliëf uit de natuur zoals bladeren, vruchten en schelpen. Volgens Wikipedia bracht het Engelse Minton dit in 1851 naar het publiek op de grote wereldtentoonstelling in Londen, waarna het op grote schaal werd nagemaakt. Dat laatste is belangrijk als je zelf gaat zoeken.
Waarom ontwerpers het nu weer willen
De ontwerpers die House Beautiful sprak, gebruiken koolservies niet als iets wat alleen op tafel komt bij een etentje. Het staat open en bloot, als kleuraccent of zelfs als kunstwerk. Decorateur Suzanne Zingg zette het op haar schoorsteenmantel om kleur te brengen in een verder neutrale woonkamer. Ontwerper Philip Mitchell erfde de majolica en het koolservies van zijn moeder en vulde de collectie in de jaren daarna verder aan.
Ik snap de aantrekkingskracht. Na jaren van wit, grijs en strak keramiek is dit servies speels, een beetje eigenwijs en duidelijk met de hand gemaakt. Het past ook bij de groene tinten die nu overal opduiken. Wie al met smaragdgroen als accentkleur speelt, heeft er een logische partner bij.
Welk servies nu gezocht wordt
Het zwaartepunt ligt duidelijk bij het groene koolblad, het liefst Portugees. In het artikel van House Beautiful gaat het daarnaast om bredere majolica met bladeren en natuurmotieven, en om kleurvarianten van het koolblad. Een cliënt van ontwerper Katie Rosenfeld spaarde volgens het blad tijdens de pandemie op Etsy en eBay een hele kast vol koolborden in verschillende kleuren bij elkaar.
In Nederland zoek je op dezelfde plekken als voor ander antiek. Kringloopwinkels, Marktplaats, rommelmarkten en veilingen. Zoek op koolblad, koolbord, bladservies en majolica, want verkopers weten zelf niet altijd wat ze in handen hebben. In mijn stuk over antieke vondsten waar ontwerpers naar zoeken staat hoe je zo’n zoektocht slim aanpakt.
Oud, nieuw of namaak herkennen
Hier zit een denkfout waar veel mensen in trappen. Omdat Bordallo Pinheiro de lijn nog steeds maakt, is een nieuw koolbord van dat merk geen replica. Het is gewoon nieuw. De vraag is dus niet alleen echt of nep, maar oud of nieuw, en van welke maker. Omdat majolica in de negentiende eeuw al massaal werd nagemaakt, kan zelfs een oud stuk een kopie van een ander merk zijn.
Zelf kijk ik naar een paar dingen voor ik iets koop.
- Draai het om. Een fabrieksmerk of stempel op de onderkant is het eerste wat je zoekt. Ontbreekt dat, dan weet je in elk geval niet zeker waar het stuk vandaan komt, en dan betaal ik er ook niet voor alsof ik het wel weet.
- Kijk naar het reliëf. Bij goed majolica loopt het gekleurde glazuur in de nerven en randjes dieper weg, waardoor het blad tekening krijgt. Een vlakke, overal even egale kleur doet eerder aan goedkope massaproductie denken.
- Bekijk de slijtage. Een oud bord heeft vaak fijne haarscheurtjes in het glazuur en sporen van gebruik op de plek waar het op tafel rust. Slijtage op rare plekken, of helemaal geen, is een reden om door te vragen.
- Vraag naar de herkomst. Een verkoper die weet waar een stuk vandaan komt, vertelt dat graag. Weet hij het niet, behandel het dan als decoratie en niet als verzamelobject.
Twijfel je bij een duurder stuk, laat het dan bekijken door een taxateur of een antiekhandel die in keramiek gespecialiseerd is. Voor een paar borden aan de muur maakt het me eerlijk gezegd weinig uit of ze honderd jaar oud zijn. Mooi is mooi.
Wel een praktische kanttekening. Oud majolica is gemaakt met loodglazuur. Ik gebruik oude stukken daarom liever als decoratie of als onderbord, en serveer mijn eten op nieuw servies.
Zo combineer je het met modern servies
Het gevaar van koolservies is dat het snel een thema wordt. Een hele tafel vol koolbladeren voelt al gauw als een feestwinkel. De ontwerpers in House Beautiful laten zien dat het juist werkt als je het doseert. Een paar manieren die ik zelf ook zou kiezen.
- Als accent tussen wit. Leg een koolbord als onderbord onder een eenvoudig wit bord. Het groen komt dan net onder de rand vandaan en de tafel blijft rustig.
- In een open kast of buffetkast. Ontwerper Philip Mitchell zet zijn collectie in de keukenkast, waar het groen volgens hem frisheid brengt tussen houttinten en witte kasten.
- Aan de wand. Ontwerper Ashley Gilbreath hing koolborden naast een raam in een smalle keuken, en James Farmer maakte er een compositie mee die een schilderij vervangt. Een paar borden rond een grote schaal werkt al.
- Op de schoorsteenmantel. Net als bij Zingg, tussen andere keramiek, als kleurtoets in een neutrale kamer.
Mijn vuistregel is één groen accent per plek. Een schaal op tafel, twee borden aan de muur, een stapeltje in de kast. Wie meer wil en van verzamelen houdt, vindt in mijn uitleg over cluttercore zonder rommelgevoel hoe je veel spullen toch bewust laat ogen.
Ligt er bij jou nog zo’n bord achter in de kast, haal het er dan eens uit. Grote kans dat het meer karakter heeft dan alles wat je de afgelopen jaren hebt gekocht.
