Modulaire meubels hadden lang een saai imago. Je dacht aan grijze kantoorkasten, aan een bank die je in vijf delen uit elkaar kon halen maar waar je nooit lekker op zat. Dat beeld klopt niet meer. In een overzicht van Dezeen van 4 oktober 2026 staan vijf ontwerpen die laten zien hoe speels en slim modulair meubelen inmiddels is, van een zitlandschap van zachte ballen tot een krukje dat je met drie mensen kunt delen. Ik heb ze stuk voor stuk bekeken en zet hieronder op een rij wat ze kunnen, en wat je er thuis mee zou doen.
Waarom modulair weer terug is
Het idee achter een modulair meubel is eenvoudig. Je koopt geen vast object, maar losse delen die je kunt verschuiven, aanvullen of opnieuw samenstellen. Dat past bij hoe veel mensen nu wonen. We verhuizen vaker, wonen kleiner, werken deels thuis en willen een kamer die vandaag een werkplek is en morgen een logeerkamer. Een meubel dat meebeweegt is dan geen gimmick maar gewoon handig.
Wat ik er zelf het meest in waardeer is dat je niet in één keer alles hoeft te kopen. Je begint met twee kastdelen en zet er later een derde naast. Je bank wordt een hoekbank als je groter gaat wonen. Dat is beter voor je portemonnee en beter voor het meubel zelf, omdat het niet bij de eerste verhuizing op de stoep belandt. Eerder schreef ik al over de modulaire collectie van Kelly Wearstler voor H&M Home, en ook daar zag je dat modulair inmiddels gewoon mooi mag zijn.
Vijf modulaire ontwerpen die opvallen
1. Amoreba, een zitlandschap van zachte ballen
Het meest uitgesproken ontwerp in het rijtje is Amoreba van het architectuur- en ontwerpbureau Golem. Het systeem bestaat uit honderden zachte, gestoffeerde ballen die je in allerlei vormen kunt combineren. Golem gebruikte eigen software om de driedimensionale oppervlakken te modelleren. Het bureau zegt dat het meubel bedoeld is voor mensen die niet volgens de standaard wonen.
Eerlijk is eerlijk, dit is geen bank voor elk huis. Maar als je een grote leefkeuken of een speelse loft hebt, is het een zitlandschap waar je kinderen, vrienden en de hond allemaal op een andere manier op kunnen hangen. Het laat vooral zien hoe ver je de gedachte van losse delen kunt doortrekken.
2. Thin, plankjes van nog geen twee millimeter
Het tegenovergestelde van Amoreba is Thin van het industriële ontwerpduo SF-SO. Dit zijn metalen planken van 1,6 millimeter dik die volgens Dezeen het gewicht van een babyolifant kunnen dragen. De slanke panelen zijn er in verschillende kleuren. De schroeven gaan door voorgeboorde gaten in de gevouwen delen, zodat je de kast zelf in elkaar zet.
Dit is het soort modulair dat ik in een gewone woning het snelst zie werken. Een dun metalen rek in een kleur oogt licht, neemt weinig ruimte in en kun je uitbreiden als je boekenverzameling groeit. In een kleine woonkamer of op een smalle overloop is dat precies wat je wilt.
3. Het kastsysteem van Lozi, maatwerk zonder maatwerk
De Britse multiplexspecialist Lozi opende tijdens het London Design Festival zijn showroom aan Hackney Road voor een nieuw systeem met strakke kledingkasten en een opklapbed. Het is bedoeld als alternatief voor ingebouwde kasten op maat. Oprichter Soroush Pourhashemi vergelijkt het met hoe Ikea de Billy-boekenkast verkoopt, losse elementen die je naast elkaar zet tot ze eruitzien als een vaste wand.
Dit vind ik de slimste van de vijf, omdat het een echt probleem oplost. Een inbouwkast is mooi maar je laat hem achter als je verhuist. Losse delen die samen als maatwerk ogen neem je gewoon mee. Over dit systeem schreef ik eerder uitgebreider in mijn stuk over modulair plywood voor een kleine slaapkamer.
4. Omi Series 2, een kruk om te delen
Het Omi Series 2-krukje van Omi Collective uit Lagos valt meteen op door zijn felle kleur, een diep blauw dat aan Yves Klein doet denken. De ontwerpers zien het als een nieuwe kijk op traditionele Afrikaanse zitmeubels. De kruk heeft zes poten en kan in drie losse delen uit elkaar, die met stalen staven aan elkaar vastzitten. Oprichter Olorunfemi Adewuyi zegt tegen Dezeen dat het delen, uit elkaar halen en opnieuw opbouwen van de kruk vanzelf gemeenschap en gedeeld bezit stimuleert.
Dat vind ik een mooie gedachte. Een meubel dat je in drieën kunt splitsen is ineens drie bijzetkrukjes als er bezoek komt, en weer één bank als iedereen naar huis is. In een kleine woning is dat meer dan een leuk detail.
5. Advanced Concepts 2.0, de flexibele werkplek
Het laatste ontwerp komt van Dubbeldam Architecture + Design uit Toronto en is bedoeld voor kantoren. Het bestaat uit een verrijdbaar werkstation, een houder onder het bureau voor een huisdier en een plafondsysteem waaruit spiralen naar beneden komen die de ruimte opdelen. Oprichter Heather Dubbeldam wil een werkplek die elke medewerker naar eigen wens kan inrichten.
Voor thuis is dit het minst direct bruikbaar, maar het idee is wel te vertalen. Een bureau op wielen en een scheiding die je naar beneden haalt als je moet werken, en weer wegtrekt als het weekend is, zou in menige woonkamer met een thuiswerkhoek welkom zijn.
Waar je op let als je modulair koopt
Modulair klinkt als een vrijbrief om alles te kunnen, maar het werkt alleen als het systeem goed in elkaar zit. Dit zijn de punten die ik zelf zou checken.
- Kun je later bijkopen? Een systeem is pas modulair als de losse delen over een paar jaar nog verkrijgbaar zijn. Vraag na of een collectie vast in het assortiment zit.
- Hoe zitten de delen vast? Bij kasten en rekken wil je verbindingen die stevig blijven als je ze vaker losmaakt. Schroeven in metalen inzetstukken houden dat beter vol dan schroeven direct in spaanplaat.
- Ziet het er als geheel goed uit? Zet je de delen naast elkaar, dan moeten de naden en hoogtes kloppen. Anders blijft het een rij losse kastjes.
- Past het ook in je volgende huis? Kijk of de modules smal genoeg zijn om in een andere opstelling of een kleinere kamer te passen.
Mijn conclusie na deze vijf is dat modulair niet meer betekent dat je inlevert op uiterlijk. De beste ontwerpen hier zijn juist mooi omdat ze flexibel zijn. Wil je zelf beginnen, kies dan eerst het meubel waar je het vaakst mee schuift, en dat is meestal de kast.
