Platformbed kiezen: waarom het lage bed nu in elke slaapkamer opduikt

Een laag houten platformbed met linnen beddengoed in een rustige slaapkamer

Wie de afgelopen maanden door interieurbladen heeft gebladerd, ziet het steeds vaker. Een bed zonder hoge poten en zonder los onderstel, laag bij de grond, met de matras direct op een lattenbodem of een dichte plaat. Architectural Digest zette op 19 oktober een koopgids voor platformbedden online, met modellen die de redactie zelf thuis heeft getest. Het lage bed lijkt daarmee definitief uit de hoek van het Japanse minimalisme te zijn gestapt.

Ik snap de aantrekkingskracht. Een laag bed maakt een slaapkamer rustiger, de wand erboven krijgt meer lucht en het bed oogt als een meubel in plaats van als een stapel matrassen. Maar een platformbed kies je niet alleen op uiterlijk. Er zitten een paar praktische keuzes in die bepalen of je er over vijf jaar nog blij mee bent.

Wat een platformbed eigenlijk is, en waarom de Amerikaanse uitleg hier anders landt

De gids van AD legt het platformbed uit als een frame waarbij je geen box spring nodig hebt. De matras ligt op een dichte plaat of op dicht bij elkaar liggende latten, en daarmee vervalt het losse onderstel. In Amerika is dat het grote verkoopargument, omdat een traditioneel bed daar bijna altijd uit een frame, een box spring en een matras bestaat.

In Nederland werkt dat net anders. Een boxspring is hier een compleet bedsysteem met verende onderbakken, en wie geen boxspring heeft, slaapt meestal al op een ledikant met een lattenbodem. Voor veel Nederlanders is het verschil tussen hun huidige bed en een platformbed dus kleiner dan de Amerikaanse gids doet vermoeden. Het echte verschil zit in de hoogte, in de manier waarop de matras wordt gedragen en in hoe het frame eruitziet.

Dat maakt de keuze eerlijker. Je ruilt geen ingewikkeld systeem in voor iets eenvoudigs, je kiest een vorm. En dan wordt de vraag vooral wat bij jouw lichaam en jouw slaapkamer past.

Hoogte, het punt waar de meeste spijt vandaan komt

AD is daar eerlijk over. Omdat een platformbed lager staat dan een bed met een onderstel, is in- en uitstappen voor sommige mensen minder prettig. Wie last heeft van knieën of rug, of wie een ouder iemand in huis heeft die in de logeerkamer slaapt, moet daar serieus bij stilstaan. Een bed dat in een showroom stijlvol laag oogt, voelt om zeven uur ’s ochtends soms als een squat.

De gids geeft ook een richtlijn voor de matras. Bij een hoog hoofdbord adviseert AD een matras van ongeveer 25 centimeter dik, en een matras van rond de 30 centimeter noemt de redactie meestal een veilige keuze. Bij een heel laag platform kan een dikkere matras helpen om toch een prettige zithoogte te krijgen, en een topper geeft er nog wat bij. Neem dus niet alleen de hoogte van het frame op, maar tel de matras erbij op voor je bestelt.

Mijn eigen vuistregel is simpel. Ga op de rand van het bed zitten zoals je dat ’s ochtends doet. Komen je knieën ruim boven je heupen uit, dan ga je dat elke dag merken.

Lattenbodem of dichte plaat, en waarom ventilatie telt

Volgens AD liggen je gewicht en dat van de matras op een goed platform gelijkmatig verdeeld, omdat de latten samen een soort raster vormen. Tegelijk waarschuwt de gids dat latten die te ver uit elkaar liggen niet elke matras goed ondersteunen. Kijk daarom bij de fabrikant van je matras welke ondergrond die voorschrijft, en controleer het maximale gewicht van het frame.

Een dichte plaat ziet er strak uit, maar een matras moet kunnen ademen. Je verliest elke nacht vocht, en dat moet ergens heen. Op latten kan die lucht onder de matras door, op een gesloten plaat veel minder. Kies je toch voor een dichte bodem, zoek dan een uitvoering met ventilatiegaten of keer de matras geregeld. In een Nederlandse slaapkamer, waar het raam in de winter vaak dicht blijft, zou ik zelf altijd voor latten gaan.

Let ook op geluid. AD merkt op dat houten platformbedden doorgaans stiller zijn dan metalen, omdat metaal op metaal kan gaan piepen. Latten die goed vastzitten en niet kunnen schuiven voorkomen het meeste gekraak. Soms is het met een inbussleutel op te lossen, soms zit het in het ontwerp.

Opbergruimte onder het bed

Voor kleine woningen is de ruimte onder het bed een van de grootste voordelen. AD noemt een vrije hoogte van ongeveer 25 tot 30 centimeter onder het frame als het punt waarop je er echt iets mee kunt. Een van de geteste bedden staat bijna 30 centimeter van de grond en is onderin hol, zodat er bakken en manden onder passen.

Er is ook een variant met een klepmechanisme, waarbij de hele bodem omhoog gaat en er een grote opbergbak onder zit. Het nadeel daarvan noemt de gids ook. Zo’n bed is fors en sta je, eenmaal neergezet, liever niet meer te verschuiven. In een kleine slaapkamer kan dat juist prima zijn, en wie daar meer over wil lezen, vindt in het stuk over modulair plywood in een kleine slaapkamer nog andere manieren om een beperkte ruimte slim te benutten.

Er zit wel een spanning in. Hoe lager het bed, hoe minder er onder past. Wil je zowel het lage silhouet als opbergruimte, dan is een bed met lades of een klepbodem eerlijker dan een frame waaronder je bakken van tien centimeter probeert te schuiven.

Hout, en wat het zegt over hoe lang je bed meegaat

De gids onderscheidt drie soorten hout. Hardhout als eiken, esdoorn, walnoot en essen noemt AD het sterkst en het best bestand tegen dagelijks gebruik. Grenen en ander zachthout is goedkoper, maar kan sneller krassen of vervormen. Plaatmateriaal kan ook goed werken, al hangt de levensduur dan sterk af van de kwaliteit van de constructie en het beslag.

Daar zit voor mij het belangrijkste punt van deze hele trend. Een platformbed is een meubel dat je ziet, veel meer dan een bed dat onder een dekbed en een bedrok verdwijnt. Het frame is de vorm van de kamer. Dan loont het om te investeren in een houtsoort die mooi oud wordt, en in verbindingen die je ook na een verhuizing weer strak in elkaar krijgt. AD noemt makkelijk demonteren niet voor niets als een apart punt.

Welke stijl erbij past

Dat het platformbed geen stijl op zichzelf is, laat de gids goed zien. Er staan strakke frames in met een geïntegreerd nachtkastje, een bed met een gestoffeerd hoofdbord in de vorm van een oorfauteuil, een midcentury model met spijlen in het hoofdbord en zelfs een hemelbed van ijzer. Allemaal platformbedden, allemaal een ander verhaal.

  • Japandi en minimalistisch vraagt om licht hout, een laag profiel en weinig hoofdbord. Hier past het platformbed het meest vanzelfsprekend.
  • Midcentury werkt met warm hout, ronde kanten en spijlen. Combineer het met hout van dezelfde toon in de nachtkastjes, zoals in het stuk over walnoot met leer en messing.
  • Zacht en knus krijg je met een gestoffeerd hoofdbord in fluweel of linnen. Het lage frame houdt het rustig, het hoofdbord maakt het warm.
  • Landelijk of klassiek kan ook, met gedraaide poten of een hemel. Dan bepaalt het beddengoed voor een groot deel welke kant het op gaat.

Mijn advies is om het bed te laten aansluiten bij wat er al staat, en niet andersom. Een laag eikenhouten frame in een kamer met een gestoffeerde stoel en een linnen dekbed is tijdlozer dan een uitgesproken designbed dat de rest van de kamer naar zich toe trekt. Wie daarna de kussens nog goed wil neerleggen, vindt in de regel voor sierkussens op bed een vaste formule die op elk frame werkt.


Fenna Molenaar avatar

Geschreven door